Thuis in Pieve

Wonen en werken in Italië. Een beter leven bestaat niet. Het is mij erg goed bevallen om in april en mei in Italië te wonen en werken. De dag beginnen met een cappuccino of caffè in een bar of gewoon thuis gezet met een percolator van Bialetti. Als mijn dagtaak erop zit, maak ik een wandeling door Pieve of doe ik een boodschap voor het avondeten. Als het zo uitkomt ga ik een half uur of langer op een bankje zitten kijken naar mensen die langslopen of een praatje maken met iemand die daar ook dagelijks zit. Saai? Nou nee. Heel relaxed juist. Ik ga op in de lokale bevolking.

Huis in Umbria

Ik maak wat mee in saffraanstad Città della Pieve – la città dello zafferano – met een kleine 8000 inwoners op de grens van Umbria en Toscane. Zo zit ik afgelopen week bij een Engelsman thuis, die ik in m’n tijdelijke woonplaats heb ontmoet, een glas wijn te drinken. Hij had vlak voor de coronacrisis […]

Koningsdag in Italië

In Città della Pieve breekt het oranjezonnetje door. Ik ben de enige in de Via Giuseppe Garibaldi die op een kleedje bij de voordeur wat huisraad probeert te verkopen. Wat een genot. Het leven in dit middeleeuwse stadje kabbelt verder. Niemand in Italië lijkt ooit van Pieve – ik mag Pieve zeggen – te hebben gehoord. Terwijl de bekendheid van het saffraanstadje – la città dello zafferano – op de grens van Umbrië en Toscane vorig jaar nog een impuls kreeg. De Italiaanse premier Mario Draghi besloot er een buitenhuis te kopen. En een paar kilometer verderop trekt Ed Sheeran zich regelmatig terug in zijn zorgvuldig verbouwde casetta.

Ik ga in Italië wonen

Dit jaar heb ik mij voorgenomen twee maanden in Italië te gaan wonen en werken. Als geheimschrijver kan ik op elke plek werken waar ik een laptop tot mijn beschikking heb. Ik heb daarom een tweekamerappartement gehuurd in een Etruskisch stadje op de grens van Toscane met Umbrië.

In zwembroek op LinkedIn

Waarom gebruiken zoveel leden van LinkedIn het medium niet meer waarvoor het bedoeld is? Toen ik zelf bijna 14 jaar geleden een profiel aanmaakte, vond ik het fijn dat ik mijn vakantiefoto’s in zwembroek niet hoefde te delen met de rest van Nederland. Vandaag kan het niet persoonlijk genoeg wat mensen op LinkedIn posten. Zeuren over hoe moeilijk opvoedbaar hun kind is tot het openbaar maken van hun medisch dossiers. Het ergste is natuurlijk dat er volop ‘reageerders’ in hun handen gaan klappen en zeggen dat ze ‘trots’ zijn op de openheid van degene die de post plaatst. Zo zie ik bijna dagelijks dat er iemand een dramatische ziekte heeft overwonnen en nu op zoek is naar een baan. Want iemand die een ziekte overleeft, heeft vechtlust wat een beoogd werkgever natuurlijk moet aanspreken. Het is toch ronduit ongepast om een doorstane ziekte te gebruiken voor een nieuwe baan? Een verkeerde schreeuw om aandacht op het verkeerde medium.

Terug naar kantoor?

‘Werk thuis als het kan en op kantoor als dat nodig is’. Dat is het huidige advies voor werkend Nederland. Of werkgevers een coronatoegangsbewijs mogen vragen is nog onderwerp van discussie. Als zelfstandige werk ik al bijna 14 jaar vanuit huis. Ik weet inmiddels niet beter en het bevalt me prima. Toch is er – ook voor mij – een dimensie bij gekomen. Werken hoeft niet per se op kantoor, maar zeker ook niet per se thuis. Het is waar, online werken mocht lange tijd alleen maar thuis. Maar sinds 25 september niet meer. Ik ben er nu pas goed achter dat ik gerust naar Italië kan om daar achter m’n beeldscherm te kruipen. Als er een stoel en een tafel is en een ruimte met WiFi of 4G, dan kan ik overal terecht. En op elk tijdstip van de dag.

Berg je herinnering op

Tot een paar jaar geleden ging ik met de tent op vakantie. Niet omdat ik de eenvoud leuk vind of het getob bij het snijden van een tomaat op een plankje op schoot, maar omdat ik van de reuring van de mensen om me heen houd. Ik ben bovendien dol op ‘vertrouwd’. De calvinist in […]

Trots is een virus

Het is uniek in de historie: de Olympische Spelen zonder publiek met een verkeerd jaartal. De Spelen houden deze zomer thuisblijvers van de straat. Het is mij tot nu toe nog nooit overkomen dat ik niets beters te doen had dan kijken naar judo en schoonspringen. Ik heb zelfs zeilen gevolgd. Een volstrekte chaos van bootjes die alle kanten op varen. Ongeschikt voor televisie. Toch keek ik. En na afloop van elke wedstrijd is er een diepte-interview met een al dan niet succesvolle Nederlandse deelnemer die altijd in de wolken is en zegt: ‘Ik ben trots op m’n vijfde plaats, ja, en ik ben ook trots op m’n hele team.’ Als de sporter het al niet zelf zegt, dan vraagt de NOS-verslaggever ernaar. Waar komt het toch vandaan, trots zijn op van alles en nog wat en vooral op andere mensen of dingen? Het is de hoogmoed waar het woord van vergeven is die mij tegen de borst stuit. Trots is het nieuwe blij. Het foutief gebruik van trots is in de afgelopen anderhalf jaar alleen maar toegenomen.

Microplastics

Sinds ik bij ‘Keuringsdienst van waarde’, een tv-programma van mijn idool Teun van de Keuken, zag dat heel veel doucheproducten van populaire merken microplastics bevatten, heb ik de app BTMB (Beat The Micro Bead, een initiatief van de Plastic Soup Foundation) op m’n mobiel gedownload. Nu scan ik met m’n telefoon de onleesbare ingrediëntenlijst op m’n douche-olie van Nivea. En ja hoor, die bevat microplastics. Ik ga nog even verder met andere potjes en flacons in de badkamer en ik ontdek dat doucheschuim van Therme en shampoos van Alpecin, Rituals en l’Oréal ook microplastics bevatten. Ik realiseer me dat ik nu enkele van mijn badkamergeheimen prijsgeef, maar dat zij dan maar zo. Het schijnt ook in make-up te zitten, maar die gebruik ik niet.

Miljard is veel meer dan miljoen

Eind 1988 heb ik een feest gegeven, omdat ik 10 duizend dagen oud was. Mijn 10 duizendste dag viel toevallig op een vrijdag – een geschikte dag voor een ‘feessie’ – en bovendien in december. Het kwik van de buitenthermometer bleef steken op een graad of zes, de perfecte temperatuur voor bier. Ik had die muur kratten ook niet kwijt gekund in mijn bescheiden koelkast.